PDF Folder - Wegwijzer Duurzaam Bouwen

Transcript

PDF Folder - Wegwijzer Duurzaam Bouwen
Visie en
basisprincipes
VIBE-PUBLICATIE NR. 18
Wat is het?
Waar komt het vandaan?
Hoe kunt u het toepassen?
Wat is
bio-ecologisch
bouwen?
Inhoud
pag.
1
Hoofdstuk 1
Waarom bio-ecologisch bouwen?
Foto voorpagina:
Alexis Versele
3
Hoofdstuk 2
Wat is bio-ecologisch bouwen?
‘Wat is bio-ecologisch bouwen?’’
is een uitgave van VIBE vzw
en natureplus Belgium.
4
Hoofdstuk 3
Wat is een bio-ecologisch gebouw?
6
Hoofdstuk 4
Een bio-ecologisch gebouw:
de voornaamste aandachtspunten in schema
8
Hoofdstuk 5
Wat is een bio-ecologisch materiaal?
Redactie en administratie
VIBE vzw
Grote Steenweg 91
2600 Antwerpen – Berchem
tel.: 03/239.74.23
fax: 03/230.91.26
e-mail: [email protected]
openingsuren:
elke werkdag van 8u30 tot 16u.
11
Hoofdstuk 6
10 stappen op weg naar een bio-ecologisch gebouw
14
Hoofdstuk 7
Waarop zijn de keuzes van bio-ecologisch bouwen
gebaseerd?
17
Hoofdstuk 8
VIBE-manifest en materialennota
22
Hoofdstuk 9
Wat doet VIBE vzw?
Herman Remes
Grote Steenweg 91
2600 Antwerpen – Berchem
24
Hoofdstuk 10
Het VIBE-keurmerk en de VIBE-erkenningsprocedure
voor de bouwsector
© D/2005/8296/31
25
Lid worden van VIBE
Raad van beheer V I B E vzw
Arch. Herman Remes (voorzitter)
Ir. Arch. Thomas Lootvoet
(voorzitter a.i.)
Erik De Bruyn (secretaris)
Arch. Lic. Drs. Frans Demedts
Redactie
Peter Thoelen
Verantwoordelijk uitgever
VIBE vzw is Belgisch vertegenwoordiger van natureplus.
VIBE vzw is een lidorganisatie van de bond beter leefmilieu, het netwerk
bewust verbruiken, tandem en architectenhuis limburg.
De bouwsector heeft een grote invloed op de kwaliteit van onze omgeving.
VIBE promoot mens- en milieuvriendelijke bouwwijzen en woonvormen.
Hiervoor verenigt VIBE de ontwerpers, producenten, aannemers, handelaars
en consumenten die deze bezorgdheid om het milieu delen.
HOOFDSTUK 1
Waarom bio-ecologisch
bouwen?
De bouwsector heeft een grote invloed op
de kwaliteit van onze gezondheid en onze
omgeving.
Gezondheid
We brengen gemiddeld 85 à 90 % van onze
tijd binnen door. Waarvan ongeveer 70 %
in ons eigen huis. (Gegevens EPA, Vlaamse
Gezondheidsinspectie, natureplus).
Verschillende wetenschappelijke rapporten
hebben aangetoond dat de vervuiling in steden binnenshuis vaak groter is dan in de
stadslucht buiten. (Gegevens onder meer
VITO in Antwerpen en CRIPI/RCIB in
Brussel).
In meer dan 300 woningen waarvan de bewoners symptomen hadden die de huisarts niet
meteen medisch kon verklaren, stelde men
vast:
• vocht en schimmels in 60 % van
de gevallen
• huisstofmijten in 78 % van de gevallen
• chemische vervuiling in 83 % van
de gevallen
• een groot deel van deze vervuiling is
afkomstig uit algemeen gebruikte bouwmaterialen, meubilair enz...
(gegevens CRIPI/RCIB, Brussel)
In een gemiddelde stofzuigerzak zitten:
• 500 insecten
• 66.000 mijten
• 4,2 miljoen algen
• 2,6 miljard schimmeleenheden
• 365 miljard bacteriën
(gegevens Commissie Leefmilieu Vlaams
Parlement)
Milieu
De bouwsector verbruikt wereldwijd rechtstreeks 40 % van de grondstoffen (gegevens
UNEP).
De bouwsector in ons land levert van alle
sectoren de zwaarste milieubelasting, als
we die vergelijken met de meubelindustrie,
elektrische apparaten, detergenten en cosmetica, transport, informatietechnologie en
papier, verpakkingsindustrie en textiel
(gegevens VITO, Institut Wallon).
In een gemiddelede stofzak zitten
66.000 mijten.
Visie en basisprincipes
Meer dan 25 % van de CO2-uitstoot in
Vlaanderen wordt veroorzaakt door het verwarmen van woongebouwen. Slechts ongeveer de helft van de Vlaamse woningen zijn
geïsoleerd (gegevens VCB).
1
WAAROM BIO-ECOLOGISCH BOUWEN?
De isolatie van onze woningen zit op het
niveau van die van de Middelandse-Zeelanden (gegevens EURIMMA).
Tijd dus om te werken aan meer gezond en
milieuverantwoord bouwen en wonen!
De bouwsector
in ons land levert
van alle sectoren
de zwaarste
milieubelasting.
Voorbeeld van
een bio-ecologisch
passief huis.
(Architect Equilibrium – foto PHP)
2
Wat is bio-ecologisch bouwen?
HOOFDSTUK 2
Wat is bio-ecologisch bouwen?
Bio-ecologisch bouwen is:
Energie- en waterbesparend bouwen met zo
weinig mogelijk chemische of schadelijke
materialen en stoffen in en rond het
gebouw, rekening houdend met de draagkracht van de aarde en met de gerechtvaardigde behoeftes van huidige en toekomstige generaties wereldwijd.
Visie en basisprincipes
Bio-ecologisch bouwen wil, met een optimale
inzet van liefst lokale en onuitputtelijke
natuurlijke grondstoffen, komen tot een
gezonde geest in een gezond lichaam in een
gezond huis in een gezonde leefomgeving.
3
HOOFDSTUK 3
Wat is een bio-ecologisch
gebouw?
Een bio-ecologisch gebouw is:
Een bio-ecologisch
Een energie- en waterzuinig gebouw dat
voor het overgrote deel opgetrokken is uit
bio-ecologische materialen.
gebouw is bij
voorkeur gelegen
in de stadsof dorpskern.
(Architect Herman Remes)
Elk gebouw kan min of meer bio-ecologisch
genoemd worden, afhankelijk van de werken
(materialen, isolatiegraad, toestellen en tech-
nieken...) die men heeft kunnen uitvoeren en
de ligging van het gebouw.
Algemene definitie
Een ‘ideaal’ bio-ecologisch gebouw is een
gebouw dat voldoet aan zo veel mogelijk van
de volgende criteria:
Gelegen in stads- of dorpskern. Dit om verplaatsingen met gemotoriseerd individueel
verkeer te kunnen beperken, en zo veel mogelijk te beschikken over aansluitingen van
openbaar vervoer en de onmiddellijke nabijheid van zo veel mogelijk diensten (scholen,
winkels, werk, mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding...).
Gebouwd of verbouwd met zo veel mogelijk
‘bio-ecologische’ bouwmaterialen. Dit zijn
natuurlijke bouwmaterialen (nagroeibaar of
mineraal) met een goede milieu- en gezondheidsscore. Bouwmaterialen met synthetische
basisgrondstoffen of met toeslagstoffen uit de
petrochemische sector worden in het bio-ecologisch bouwen zo veel mogelijk vermeden
(zie volgend hoofdstuk).
Met een goede compactheid, een goede
oriëntatie en buffering, goed geïsoleerd en
geventileerd. Dit om zo veel mogelijk energie
te besparen tijdens de bewoning van het
gebouw, zonder een ongezond binnenklimaat
te creëren.
Met energiebesparende en energiezuinige basisinstallaties, technieken en huishoudtoestellen.
Met waterbesparende en waterzuinige basisinstallaties, technieken en huishoudtoestellen.
4
Wat is bio-ecologisch bouwen?
BIO-ECOLOGISCH GEBOUW
Een bio-ecologisch gebouw heeft tenslotte
een gezond en aangenaam binnenklimaat en
biedt voldoende geborgenheid.
Voorbeeld van
een strobalenhuis.
(Architect Herwig Van Soom)
Alleenstaande
bebouwing.
(Architect Eric Boddaert)
Visie en basisprincipes
5
HOOFDSTUK 4
Een bio-ecologisch gebouw
De voornaamste aandachtspunten in schema
1 ENERGIE:
LAGE- ENERGIEWONING OF ENERGETISCHE RENOVATIE
Criteria lage-energiewoning:
maximaal E 80
maximaal K 30
maximale U-waarden (enkel van toepassing voor woonruimten)
0,3 W/m2K
Buitenmuren:
0,2 W/m2K
Dak:
0,4 W/m2K
Vloeren:
Glas buitenschrijnwerk: 1,1 W/m2K
1,8 W/m2K
Ramen en deuren:
brutoverbruik voor ruimteverwarming < 75 KWh/m2/jaar
lekverliezen: n 50 < 3 h 1 bij mechanische ventilatie
lekverliezen: n 50 < 1 h-1 bij warmteterugwinning
Criteria energetische renovatie:
halvering van de netto energiebehoeften
brutoverbruik voor ruimteverwarming <150 KWh/m2/jaar
geen bitumen of metalen
dakbedekking
geen tropisch hout zonder FSClabel
onderdak uit plantaardige
of minerale basisgrondstoffen
isolatiemateriaal uit nagroeibare grondstoffen
damp-open indien hellend dak
luchtdicht
buitenschrijnwerk
geen PVC of PUR
geen metalen zonder thermische
onderbreking
FSC gelabeld indien tropisch hout
3.1
geen metaal, PVC, stalen platen
geen synthetisch isolatiemateriaal
indien materialen met
recyclagemateriaal:
geen zware metalen of
andere potentieel mens-of
milieugevaarlijke stoffen
3.2
geen beton
mortel: geen CEM II tot IV
natuurverf indien van toepassing
3.3
tuin
isolerende houtvezelplaat
isolatiemateriaal uit nagroeibare grondstoffen
dampopen opbouw
luchtdicht
hout zonder chemische
verduurzaming
natuurverf indien van toepassing
6
2
WATER: Gescheiden afvoer + gebruik van regenwater
Gebruik van regenwater binnenshuis indien regenwaterreservoir verplicht
Wat is bio-ecologisch bouwen?
BIO-ECOLOGISCH GEBOUW
Naast de verplichte en uitsluitingscriteria, zijn er ook plus- en minpunten
1
ENERGIE
+
Gebouwen volgens passiefhuiscriteria
Benutting passieve zonne-energie
Goede compactheid
Ontwerp met goede oriëntatie
Buffering en zonering van ruimtes
Actieve zonne-energie
Onuitputtelijke energie
2
WATER
Elektrische verwarming, tenzij voor passiefgebouwen en laagenergie gebouwen en opgewekt uit onuitputtelijke energiebronnen
+
Gebruik van hemelwater binnenshuis (voor WC, wasmachine...)
Insijpeling overtollig regenwater in de bodem of afvoer naar open
gracht, beek, vijver, stockagebekken...
Composttoilet, watervrij toilet
Zuivering en hergebruik van huishoudelijk afvalwater
3
_
_
Overloop regenwaterput naar riool indien tuin beschikbaar en geschikt
MATERIALEN
3.0 ALGEMEEN
+
_
+
_
+
_
Natureplus label
Hout: FSC gelabeld, streekeigen
3.1 HOOFDDAK
Materialen uit nagroeibare grondstoffen
3.2 BUITENSCHRIJNWERK
FSC-gelabeld hout
Hout of hout met metalen bekleding buiten
3.3 MUUROPBOUW
Metalen buitenschrijnwerk
+
_
Indien houtskeletbouw:
Strobalen
Stroleem
Kalkhennep
HSB
Plaatmaterialen met formaldehydehoudende lijmen
Indien spouwmuur in steenachtge materialen:
kalkmortel
Isolatie uit nagroeibare grondstoffen (indien technisch verantwoord)
3.4 OPBOUW GRONDVLOER
+
Isolatie uit nagroeibare of minerale grondstoffen
Hout, leem
3.5 OPBOUW TUSSENVLOER
Isolatie uit synthetisch materiaal
Beton
+
Hout
Kleipotten
3.6 RIOLERING
+
RUIMTE
+
OMGEVING EN ANDERE
_
Plaatmaterialen met formaldehydehoudende lijmen
+
Verbouwing
Rijwoning
Gebouw gelegen in of nabij stads- of dorpskern
5
_
PVC
Binnen:
Leempleister
Niet behandeld hout
Natuurlijk behandeld kurk
Lijmvrije platen
4
_
Beton
Metalen elementen
Gresbuizen
3.7 AFWERKING
_
_
Open bebouwing + nieuwbouw 'ver' van stads-of dorpskern
+
_
Streekeigen beplanting
Groendak
Gevelbegroening
Infiltrerende bestrating en aanverwante
Visie en basisprincipes
7
HOOFDSTUK 5
Wat is een bio-ecologisch
bouwmateriaal?
Vlas, een voorbeeld van een
bio-ecologisch
bouwmateriaal.
Een bio-ecologisch bouwmateriaal is:
Een bouwmateriaal dat bestaat uit (quasi) onuitputtelijke
natuurlijke basisgrondstoffen, zonder of met zo weinig
mogelijk chemische toevoegstoffen, zonder zware milieubelasting en zonder schadelijke gevolgen voor de menselijke gezondheid.
Isolatie met
papiervlokken.
8
Natuurlijke grondstoffen zijn plantaardige, dierlijke en/of
minerale grondstoffen. Petrochemische grondstoffen vallen
hierbuiten.
Wat is bio-ecologisch bouwen?
BIO-ECOLOGISCH BOUWMATERIAAL
Groep 1
meestal voorkeur:
hernieuwbare materialen
Groep 2
meestal aanvaardbaar:
minerale materialen
Groep 3
meestal te vermijden:
synthetische materialen
VOORDELEN VAN
NAGROEIBARE
GRONDSTOFFEN
Vanuit de standpunten van
het ‘sluiten van stofkringlopen’
en ‘duurzame ontwikkeling’.
BIO-ECOLOGISCH
DRIE-GROEPEN-PARADIGMA
Groep 1
meestal voorkeur:
hernieuwbare materialen
Materialen die volledig of voor het grootste deel bestaan uit nagroeibare grondstoffen. Nagroeibare grondstoffen kunnen op
aarde gekweekt worden en komen dus uit
land- en bosbouw.
Voorbeelden: vlas, hennep, stro, schapenwol, kurk, riet, hout, papiervlokken,
katoen, kokos, bamboe, zetmeel, lijnolie...
Groep 2
meestal aanvaardbaar:
minerale materialen
Materialen die voor het grootste deel uit
oppervlaktedelfstoffen gemaakt zijn. Deze
materialen behoren ook de categorie van
wat men wel eens ‘natuurlijke’ materialen
noemt.
1) Volledig gesloten stofkringlopen
• geen uitputting van grondstoffen
(constante aangroei bij goed beheer
gewaarborgd)
• geen afvalprobleem (herbruikbaar, of
composteerbaar indien geen bijmenging
van synthetische ingrediënten)
2) Duurzame ontwikkeling
op lange termijn
• continue wereldwijde beschikbaarheid
van lokale nagroeibare materialen
• mogelijkheden voor ontwikkeling
lokale economie en autonomie i.p.v.
landbouwproductie voor export
Visie en basisprincipes
Hierbinnen maken we een onderscheid
tussen wereldwijd ruim voorradige grondstoffen (zand, klei, leem, andere aarde-stoffen...) en beperkt voorradige grondstoffen.
Groep 3
meestal te vermijden:
synthetische materialen
Petrochemische grondstoffen of materialen
die voor het grootste deel of volledig
bestaan uit delfstoffen die diep uit de aarde
komen.
Meestal gaat het om afgeleide aardolieproducten. Indien mogelijk vermijden we ze.
De productie is meestal erg milieuvervuilend, er wordt ruim gebruik gemaakt van
gevaarlijke stoffen en het afval kan zelden
hoogwaardig gerecycleerd worden en vergaat omzeggens niet. Synthetische stoffen
worden niet binnen redelijke termijn terug
in het natuurlijk ecosysteem opgenomen.
9
BIO-ECOLOGISCH BOUWMATERIAAL
Bio-ecologische
verbouwing van
rijwoning.
(Architect Luc De Meyer)
Combinatie van
baksteen en hout.
(Architect Mark Depreeuw)
10
Wat is bio-ecologisch bouwen?
HOOFDSTUK 6
10 concrete stappen op weg
naar bio-ecologisch bouwen
1) Wonen in stads- of dorpskernen
Als u nog geen bouwgrond heeft, kan u
ervoor kiezen om te wonen in een reeds
bebouwde kern. Zo hebt u alle voorzieningen
bij de hand (scholen, winkels, werk- en uitgaansgelegenheid...). Wie op het platteland
woont, moet meestal veel meer autokilometers maken en dus veel meer tijd verliezen,
kosten maken enz...
Wonen op het platteland kost ook veel meer
aan de gemeenschap (extra wegen, rioleringen enz ...). Bovendien: u kunt in de dorpsen stadskernen ook zorgen voor wat ecologisch groen in tuinen, voortuintjes, gevelbegroening en tegeltuintjes, dakbegroening
enz... Zo maakt u de omgeving aangenamer.
Denk ook aan het volgende: alleenstaande
huizen verbruiken meer energie dan rijhuizen
of appartementen met dezelfde omvang en
dezelfde isolatiewaarde. Dat komt omdat er
maar twee in plaats van vier warmteverliezende buitenmuren zijn; bij rijhuizen verwarmt het ene huis als het ware het andere
mee.
2) Verbouwen & hergebruiken!
Als u kiest voor een verbouwing, spaart u al
een hele hoop materialen uit (muren, vloeren...) en wellicht haalt u uit het bestaande
pand nog een reeks materialen die u op een
leuke manier kan verwerken in uw verbouwing (oude stenen, originele balken, mooie
binnendeuren, gekleurd glas...).
Voor elke deur en elke baksteen die u hergebruikt, heeft u de energie en de milieubelasting uitgespaard die de productie van een
Visie en basisprincipes
nieuwe deur of baksteen hoe dan ook zouden
vergen.
3) Doe meteen goed wat je de eerste
20 jaar niet kan veranderen
Leg de juiste prioriteiten. De afwerking van
uw huis is natuurlijk erg belangrijk: u wilt
dat het er mooi uitziet. Niettemin raden we u
aan om toch éérst te investeren in een goede
constructie- en ruwbouwfase. Bijvoorbeeld:
stel eerder de verf- en tegelfase uit, dan de
isolatiefase. Doe meteen goed wat u de eerste
20 jaar niet kan veranderen. Eerst alles afwerken en later isoleren kost veel meer tijd en
geld (en u zit dan wéér in het stof!) dan eerst
degelijk isoleren en later afwerken.
Bij een verbouwing moet u allereerst eventuele vochtproblemen oplossen (vocht door
een lekkend dak, vochtdoorslag doorheen
de muur van buiten naar binnen, opstijgend
vocht vanuit de kelder of de grond...).
4) Oriëntatie, buffering, zonering
en passieve zonne-energie
Oriënteer de leefruimtes op het zuid-zuidwesten. Dan kunnen die zonlicht opvangen in
de tussenseizoenen. Die warmte wordt gestockeerd in massieve materialen zoals tegelvloeren, stenen muren enz..., waarna ze afgegeven
wordt in de ruimte. Zo maakt u gebruik van
gratis ‘passieve zonne-energie’.
Op het noorden plant u de niet of minder
te verwarmen ruimtes (garage, wc, gangen,
berging, slaapkamers...). Zo vormen deze
noordelijke zones een 'buffer' tussen de
koude buitenlucht en de te verwarmen ruimtes in huis.
11
10 CONCRETE STAPPEN
De prioriteiten bij energie-investeringen
bij verbouwingen zijn in volgorde van
belangrijkheid:
• dakisolatie
• vloerisolatie indien gemakkelijk bereikbaar
• betere beglazing U = 1,1
• betere verwarmingsinstallatie
• gevelisolatie & alternatieve energie
Isoleren moet u ook op de juiste manier
doen: winddicht, luchtdicht, damp-open. Te
veel isoleren bestaat niet! U kunt natuurlijk
wel een probleem krijgen door verkeerd te
isoleren...
6) Hoe meer u isoleert,
hoe beter u moet ventileren
Dik isoleren is
5) Zorg voor een dikke isolatielaag
één van de goed-
Met gemiddelde richtwaardes van 20 cm in
het dak, 15 cm in de muur en 10 cm in de
vloer, heeft u een lage-energie-woning met
een navenant lage energiefactuur. Dik isoleren is één van de goedkoopste manieren om
energie én dus geld te besparen. Tegenwoordig bouwt men ook ‘passiefhuizen’. Dit zijn
gebouwen die zo goed geïsoleerd zijn dat ze
geen centrale verwarming meer nodig hebben.
koopste manieren
om energie én
geld te besparen.
Hier een voorbeeld van
hennepisolatie.
De prioriteiten bij energie-investeringen
bij nieuwbouw zijn in volgorde van belangrijkheid:
• dakisolatie
• gevel- en vloerisolatie
• betere beglazing U = 1,1
• betere verwarmingsinstallatie
• alternatieve energie
12
De keerzijde van isoleren is ventileren.
Vaak gaat daar niet genoeg aandacht naar uit.
Ventile-ren kan op een natuurlijke manier,
op een mechanische manier of met een combinatie van beide. Laat de ventilatie in elk
geval niet over aan toevalligheden (reten en
kieren, ongecon-troleerd openstaande ramen
en deuren...): dat zorgt immers voor nodeloze
energieverspilling.
7) Gebruik zonne-energie
waar het mogelijk is
Passieve zonne-energie is gratis: die komt door
het glas naar binnen. Zware materialen (baksteen, natuursteen, tegels, leemsteen, kalkzandsteen enz ...) slaan de zonnewarmte op en
geven die na verloop van uren weer af in huis.
Actieve zonne-energie (zonnepanelen)
kan dienen om water te verwarmen (zonneboiler, vloer- of muurverwarming) of om elektriciteit (foto-voltaïsche zonnepanelen) op te
wekken. Die elektriciteit kan u via het net
aan uw energieleverancier verkopen, als u
meer produceert dan u opwekt.
8) Bespaar zo veel mogelijk
op water
Dit kan via eenvoudige technieken (waterbesparende kranen en douchekoppen, waterzuinige huishoudtoestellen)... Er zijn een hele
reeks eenvoudige tips en trucs om water te
besparen in huis.
Wat is bio-ecologisch bouwen?
10 CONCRETE STAPPEN
Leem wint aan
populariteit als
pleistermateriaal,
zeker als het in
eigen streek
gewonnen wordt.
Gebruik ook regenwater voor een aantal toepassingen (tuin, vloeren poetsen, toilet, wasmachine...).
Overtollig regenwater zou u, indien mogelijk,
best laten insijpelen in de grond rondom uw
huis, afvoeren naar de gracht, een vijver enz...
9) Gebruik waar mogelijk materialen
uit hernieuwbare of nagroeibare
grondstoffen, liefst uit de eigen regio
Materialen uit nagroeibare grondstoffen kan
men kweken op de aarde: het zijn land- en bosbouwgrondstoffen. Door rationeel beheerde
nagroeibare grondstoffen te gebruiken, ontstaat er nooit uitputting van grondstoffen.
Voorbeelden zijn: hout, natuurverven (uit
plantaardige oliën of minerale bestanddelen),
linoleum, natuurlijke stoffen voor con-structie
en binnenhuisinrichting (katoen, wol, natuurlatex, vlas, hennep, stro...). Ook vele minerale
grondstoffen (klei, zand, kalk enz...) zijn ruim
voorradig of bijna onuitputtelijk.
VIBE vzw heeft
ondubbelzinnig
gekozen voor het
internationale label
voor ecologische
bouwproducten
‘natureplus’.
Visie en basisprincipes
In de gespecialiseerde bio-ecologische handel
bestaan er meer materialen uit nagroeibare
grondstoffen dan u zou verwachten. Zo bijvoorbeeld isolatiematerialen uit vermalen
krantenpapier, hennep, vlas, houtvezels,
schapenwol, kurk enz... Deze materialen zijn
niet alleen milieuvriendelijker, maar ook
minder ongezond dan vele andere.
10) Laat u bij de keuze voor
materialen niet misleiden
door het etiket 'milieuvriendelijk',
'ecologisch' of 'recycleerbaar'
Tegenwoordig heeft haast elk materiaal wel één
of ander milieuvoordeel. Maar een materiaal
kan slechts objectief beoordeeld worden op
basis van àlle milieucriteria. Recyclage is er
daar één van. Andere zijn: uitputting van
grondstoffen, aantasting van de natuur, energieverbruik bij productie en transport van het
materiaal, onderhoudsgevoeligheid, levensduur, hinder (geur, licht, geluid...) bij productie
en transport, emissies van milieuschadelijke
of gevaarlijke stoffen, afval enz...
VIBE vzw heeft ondubbelzinnig gekozen voor
het internationale label voor ecologische
bouwproducten ‘natureplus’. Dit label garandeert dat de gelabelde bouwmaterialen een
zeer minimale milieubelasting hebben en ontdaan zijn van potentieel ongezonde basisof toeslagstoffen.
13
HOOFDSTUK 7
Waarop zijn de bio-ecologische
keuzes gebaseerd?
Een beetje geschiedenis
Toen de bio-ecologische pioniers op het einde
van de jaren ’70 begonnen te zoeken naar
‘natuurlijke’ materialen, kwamen ze meestal
bij ‘alternatieve’ en geëngageerde fabrikanten
in Duitstalig Europa terecht. Ook in Nederland en Frankrijk ontstonden producten uit
natuurlijke grondstoffen.
Met ‘natuurlijke grondstoffen’ werd
bedoeld: grondstoffen uit bos- en landbouw
of oppervlaktedelfstoffen. Bovendien streefde
men ernaar om chemische toeslag- en hulpstoffen (schimmelwerende middelen, solventen, lijmen, brandvertragers, droogstoffen,
droogvertragers, weekmakers enz...) zo veel
mogelijk te weren en/of te beperken. Tevens
werd gezocht naar mogelijke ‘natuurlijke’ toeslag- en hulpstoffen. Waar dit haalbaar was,
trachtte men grond- en toeslagstoffen uit de
petrochemische sector te vermijden.
Men ging er van uit dat bouwmaterialen
die op deze basis geproduceerd waren, ook
de meest milieuverantwoorde en de minst
gezondheidsbelastende waren. Meestal klopte
dit ook, maar niet altijd.
Gaandeweg ontwikkelde men methodieken om tot een rationeler benadering te
komen: levenscyclusanalyse, milieudata en
labels zijn de voornaamste.
Intussen was ook energiebesparing en alternatieve energie-opwekking een relevant thema
geworden, waarin de vroege bio-ecologische
architecten pionierden. Waterbesparing en
rationeel omgaan met zoet water zijn thema’s
die de laatste jaren alom bespeeld worden.
Tenslotte groeide in Vlaanderen een toenemende bezorgdheid over rationeel ruimtege-
14
bruik, aandacht voor de open ruimte en
dichtslibbing, inbreiding, stadsvernieuwing
en ecologische stedenbouw.
De keuzes die vanuit bio-ecologisch bouwen gemaakt werden, pasten achteraf
beschouwd perfect in het kader van ‘duurzame ontwikkeling’, zoals omschreven in
het Brundlandt-rapport van 1987 (zie VIBEmanifest), dat vandaag dan ook een uitstekende basis vormt om doorgedreven bio-ecologische keuzes te maken.
Bronnen voor de keuzes van
de bio-ecologische bouwwereld
De basis van de keuzes die VIBE maakt is
gebaseerd op verschillende bronnen en voor
een groot stuk op ervaring. Momenteel zijn
de voornaamste selectiebronnen voor VIBEmateriaalcriteria (in volgorde van belangrijkheid):
1) Een uitgesproken visie
Deze visie is vetrokken vanuit een voorkeur
voor ‘natuurlijke’ materialen en technieken,
onuitputtelijke natuurlijke hulpbronnen,
gesloten stofkringlopen.
In de loop der tijd is gebleken dat deze
visie vooropliep op het kader van ‘duurzame
ontwikkeling’ in de oorspronkelijke zin van
het woord. Ook daarin wordt een ontwikkeling naar het gebruik van onuitputtelijke
natuurlijke hulpbronnen vooropgesteld.
2) Een lange ervaring en bouwpraktijk
Deze visie heeft geleid tot de ontwikkeling
van specifieke bouwmaterialen en voorheen
‘alternatief ’ genoemde technieken die ofwel
verbeterde versies waren van sinds oudsher
toegepaste materialen en technieken of wel
Wat is bio-ecologisch bouwen?
BIO-ECOLOGISCHE KEUZES
nieuw ontwikkeld werden sinds een drietal
decennia.
3) Wetenschappelijke en andere
ondersteuning
Deze visie en de daaruit volgende praktijk
worden in toenemende mate ook wetenschappelijk bestudeerd en bevestigd. Zowel rond
een aantal bouwtoepassingen als rond een
aantal beoordelingsmechanismen is intussen
heel wat studiewerk verricht.
Niettemin zijn technische normen en/of
wetenschappelijk vastgelegde bewijzen niet
de eerste bron voor VIBE vzw om advies te
verlenen.
Documentatiebronnen voor
de bio-ecologische materiaalkeuze
In volgorde van belangrijkheid zijn de methodes die de basis van de VIBE-materiaalkeuzes
bepalen:
1) Natureplus
De criteria van het kwaliteitslabel voor ecologische bouwproducten natureplus.
Dit label hanteert zeer strenge normen en uitsluitingscriteria op vlak van milieu en
gezondheid. Het is gebaseerd op de visie die
de bio-ecologische bouwwereld in heel
Europa sinds haar ontstaan gehanteerd heeft
en werkt met meetbare eenheden, duidelijke
normen en grenswaarden die getoetst worden
met berekeningen en labotesten. De testen
gebeuren door gerenommeerde instituten in
Duitsland en Oostenrijk (Eco Umweltinstitut
Keulen, TÜV Süddeutschland, IBO Wenen).
Producten die het naturepluslabel behalen,
worden door VIBE vzw zonder meer gecatalogeerd als ‘bio-ecologisch verantwoorde
bouwmaterialen’.
In een notendop zijn de basiscriteria van
natureplus:
• Het aandeel nagroeibare en/of minerale
grondstoffen moet minstens 85 % van
de materiaalinhoud bedragen.
• De gebruikte grondstoffen moeten in
voldoende mate op aarde aanwezig zijn
(dus niet op korte termijn uitputbaar).
• Er is een verbod op milieu- en gezondheidsbelastende stoffen (zij het basisgrondstof, toeslagstof of hulpstof).
• De emissies bij productie en gebruik
moeten gering zijn.
Natureplus
controleert in
laboratoria of er
geen schadelijke
stoffen uit de
producten komen
en of er geen
gevaarlijke stoffen
inzitten.
Visie en basisprincipes
15
BIO-ECOLOGISCHE KEUZES
minerale of nagroeibare materialen,
• als VIBE advies moet verlenen indien
(bijvoorbeeld om technische redenen)
een materiaal gebruikt moet worden dat
niet voldoet aan de definitie van ‘bio-ecologisch materiaal’ of de criteria van natureplus,
• om na te gaan of een bepaald materiaal uit
nagroeibare of minerale grondstoffen wel
degelijk een aanvaardbare milieuscore
behaalt,
• als hulpinstrument om bouwmaterialen te
beoordelen waarvoor nog geen naturepluscriteria bestaan.
Bio-ecologisch
laag-energiehuis
met fotovoltaïsche
en thermische
zonnepanelen
(Architect Marij Gabriëls)
• Bij de aanmaak van het materiaal moet
het energieverbruik beperkt zijn.
• De verpakking moet ecologisch geoptimaliseerd zijn.
• De verwerkingsvoorschriften moeten
duidelijk zijn.
• Alle inhoudsstoffen moeten opgegeven
worden (‘Volldeklaration’).
Al deze criteria vindt u in detail uitgeschreven én toegepast op verscheidene categoriën
van bouwmaterialen op de website van naturuplus: www.naturplus.org.
2) NIBE
De LCA-benadering (LCA = levenscyclysanalyse) van het TWIN-model die leidde tot
de ‘NIBE-classificatie’.
NIBE doet sinds jaren degelijk studiewerk
naar LCA-gegevens van bouwmaterialen.
Het instituut ontwikkelde een methodologie
op basis van de internationaal erg geapprecieerde CML-methodiek (CML = Centrum
voor Milieukunde van de Universiteit van
Leiden).
VIBE ervaart deze methodiek als het best
hanteerbare instrument om de milieubelasting van verschillende bouwmaterialen te
vergelijken.
3) Andere labels, LCA’s, databanken
en studies.
LCA-data leiden vaak tot verschillende resultaten. Waar ze beschikbaar zijn bij VIBE vzw
en verschillen van de NIBE-data zal VIBE
vzw de NIBE-data vergelijken met andere
LCA-data. Dit geld ook voor andere milieudata.
4) Leveranciersinformatie
Gegevens van producenten/verdelers waar
voorgaande bronnen geen uitsluitsel geven of
niet toepasselijk zijn.
Indien geen andere informatie beschikbaar
is, moet VIBE afgaan op de informatie van de
producent/verdeler. Indien wel informatie
beschikbaar is uit de vorige bronnen, zal de
informatie van de producent/verdeler eraan
getoetst worden.
De NIBE-classificatie wordt als bronnenmateriaal ingeschakeld:
• om LCA-gegevens over een bepaald
materiaal te verkrijgen,
• als er een keuze moet gemaakt worden
tussen bijvoorbeeld twee verschillende
16
Wat is bio-ecologisch bouwen?
HOOFDSTUK 8
VIBE-manifest &
Materialennota
VIBE-manifest
Missie
De bouwsector heeft een grote invloed op de
kwaliteit van onze omgeving. VIBE vzw promoot mens- en milieuvriendelijke bouwwijzen en woonvormen.
Hiertoe verenigt VIBE vzw de ontwerpers,
producenten, aannemers, handelaars, consumenten, beleidsinstanties en andere instellingen die de bezorgdheid om mens en milieu
delen.
Ambitie
Strategie
VIBE vzw is het centraal informatie- en
vormingspunt rond bio-ecologisch bouwen en
wonen in Vlaanderen.
VIBE vzw stelt zich ook open als koepel en/of
discussieforum voor alle organisaties, beleidsmakers en openbare besturen, bedrijven en individuen die met ‘duurzaam bouwen’ bezig zijn.
Daartoe zoekt VIBE vzw naar alle mogelijke
samenwerkingsverbanden met andere instellingen en initiatiefnemers, in binnen- en buitenland.
Doelgroepen
Om het bio-ecologische gedachtegoed te verspreiden, richt VIBE vzw zich met haar activiteiten vooral naar drie doelgroepen:
beleidsinstanties, particuliere bouwers en professionelen in de bouwsector.
Om deze laatste doelgroep doeltreffend te
bereiken, zijn contacten met opleidingsinstellingen noodzakelijk. Om het bio-ecologische
gedachtegoed te funderen en blijvend te toetsen aan de voortschrijdende wetenschappelijke bevindingen, zijn contacten met onderzoekscentra onontbeerlijk.
Visie en basisprincipes
Onafhankelijkheid
Voor alle doelgroepen verzorgt VIBE vzw
gerichte vorming, informatieverspreiding,
advies, studies, begeleiding van voorbeeldprojecten en zoekt naar samenwerkingsverbanden. VIBE vzw is daarbij niet gebonden aan
eender welke instelling.
Professionelen in de bouwsector kunnen het
VIBE-label krijgen als ze voldoen aan de criteria die VIBE vzw hanteert.
VIBE opereert verder onafhankelijk van de
professionele leden en kan standpunten innemen die indruisen tegen het directe commerciële belang van leden.
Visie
Duurzaam bouwen
VIBE vzw verzet zich tegen het verengen van
‘duurzaam bouwen’ tot ‘energiezuinig bouwen’.
VIBE vzw meent dat bio-ecologisch bouwen
een integraal project is, waarin vier componenten en twee dimensies centraal staan.
Bio-ecologisch bouwen en wonen houdt rekening met aspecten van:
• ruimtegebruik
• energiehuishouding
• waterhuishouding
• materiaalgebruik
In elk van deze vier componenten is niet
enkel de dimensie ‘milieubewustzijn’, maar
ook de dimensie ‘menselijke gezondheid’ van
belang.
VIBE vzw streeft dan ook naar een gezonde
geest in een gezond lichaam in een gezond
huis in een gezonde leefomgeving.
Duurzame ontwikkeling
Als breder kader voor dit alles hanteert VIBE
vzw de oorspronkelijke notie van ‘duurzame
17
VIBE-MANIFEST & MATERIALENNOTA
ontwikkeling’, zoals omschreven in het
‘Brundtland-rapport’. Bio-ecologisch bouwen
en wonen betekent dus ook: bouwen en
wonen op zo’n manier dat wereldwijd een
gezonde, ecologische en sociaal aanvaardbare
leefomgeving geschapen en gevrijwaard wordt
voor de generaties die na ons volgen.
Dat vóóronderstelt een optimaal gebruik van
lokaal beschikbare hernieuwbare grondstoffen en energiebronnen. Dit is de eerste premisse bij de beoordeling op bio-ecologisch
vlak van woon- en werkomgeving, bouwconstructies, energie-, water-, materialen- en
grondstoffenstromen.
Wereldbeeld
VIBE vzw gelooft bij dit alles niet in een louter mechanistisch wereldbeeld, waarbij het
functioneren van de aarde tot chemische
reacties en berekenbare modellen herleid kan
worden. VIBE vzw gelooft veeleer in de
holistische benadering, waarin de globale
samenhang van alles centraal staat. VIBE
vzw meent dan ook dat de verbondenheid van
de mens met de aarde fundamenteel is, en dat
het handelend optreden van de mens in de
wereld een op lange termijn volhoudbaar
beheer van de natuurlijke rijkdommen moet
garanderen.
Besproken en goedgekeurd door
de Algemene Vergadering VIBE vzw
6 oktober 1999
Materialennota
VIBE vzw en de bio-ecologische classificatie
van bouwmaterialen
1) Inleiding
VIBE vzw hanteert de NIBE-classificatie om
over de bio-ecologische aspecten van bouwmaterialen en -producten een uitspraak te
doen (NIBE = Nederlands Instituut voor
Bouwbiologie en Ecologie, een raadgevend
ingenieursbureau). Die classificatie ontstond
in 1992. De laatste uitgave van de eerste versie van de classificatie werd in 1995 gedrukt.
Uit interne vergelijkende studies bleek dat
de NIBE-classificatie de meest bruikbare en
methodologisch meest inzichtelijke was van
de toen bekende classificatiesystemen voor
bouwmaterialen.
Vanaf 1995 werkte NIBE een paar jaar aan de
herwerking en verfijning van haar methodologie. Dit had tot gevolg dat er een paar verrassende en voor de bouwbio-ecologie soms
moeilijk te verteren resultaten uit de bus
kwamen. (Voor de bio-ecologische principes
verwijzen we naar het VIBE-Manifest).
Op 14 oktober 1998 nodigde VIBE Michiel
Haas, directeur van NIBE, uit om de ‘nieuwe
NIBE-classificatie’ uit de doeken te doen
voor de uitgebreide en vrij toegankelijke
algemene vergadering van VIBE vzw en om
een aantal conclusies te belichten.
Na een periode van rust en bezinking van de
resultaten van het debat dat op 14 oktober
1998 gevoerd werd, wisselde de algemene vergadering van VIBE vzw op 23 februari 1999
verder van gedachten over de NIBE-classifica-
18
tie, hoe het instituut daarmee moet omgaan
en de gevolgen ervan. Daartoe werd nieuwe
lectuur over levenscyslusanalyse doorworsteld
en hoorden we het oordeel van een aantal
mensen uit de exacte wetenschap en het ‘klassieke’ bouwbedrijf over de NIBE-classificatie.
“De algemene vergadering van 23 februari
1999 moet dan ook de koers bepalen die
VIBE inzake materiaaladvies zal volgen.
Het spreekt voor zich dat die koers de al dan
niet erkenning van nieuwe leden mee zal
bepalen.” Die boodschap gaven we mee aan
de talrijk opgedaagde leden en andere geïnteresseerden. Een ‘Voorstel van standpuntbepaling / Aanzet tot een VIBE-manifest’ werd er
voorgelegd, besproken en in grote lijnen
goedgekeurd.
Na nog een half jaar van reflectie, contacten,
nieuwe gegevens en debatten binnen de raad
van beheer en met externen, stelde VIBE
vzw haar ‘VIBE-manifest’ op, werkte de materialennota bij, legde een aantal bijkomende
accenten en verfijnde de oorspronkelijke teksten. Dit pakket legde VIBE vzw voor aan de
algemene vergadering van 6 oktober 1999.
De raad van beheer van VIBE vzw verwerkte
op 9 november 1999 de opmerkingen die toen
gemaakt werden en die later schriftelijk binnenkwamen. Het resultaat is het onderstaande.
2) Bouwmaterialen &
levenscyclusanalyse
Om de milieu-impact van materialen en producten te kennen, is levenscyclusanalyse
(LCA) noodzakelijk.
Wat is bio-ecologisch bouwen?
VIBE-MANIFEST & MATERIALENNOTA
Levenscyclusanalyse is een complexe materie
waarover tot nader order geen wetenschappelijke eensgezindheid of standaardmethodologie bestaat.
samengesteld zijn. Materialen uit voornamelijk aardoliederivaten en producten uit de
(petro)chemie scoren dan neutraal, minder
goed of slecht.
Blijkbaar is het zeer moeilijk, zoniet onmogelijk, om algemeen aanvaardbare levenscyclusanalyses uit te voeren. Dit geldt volgens sommige bronnen in hoge mate voor bouwmaterialen.
VIBE vzw zoekt permanent naar informatie
over gezondheidsaspecten van bouwmaterialen in heel hun levensloop.
In de gevestigde exact-wetenschappelijke
wereld worden materiaalvergelijkingen op
basis van LCA’s vaak niet aanvaard. Wegingsfactoren toekennen aan de verschillende
milieucriteria die in een LCA gehanteerd
worden, wordt in de gevestigde exact-wetenschappelijke wereld meestal ook niet aanvaard. Elk materiaal of product moet volgens
die visie op zich bekeken worden in functie
van de milieubelasting die het veroorzaakt.
VIBE vzw zoekt permanent naar informatie
over levenscyclusanalyses en de milieuimpact van bouwmaterialen en hun productieprocessen.
3) Bouwmaterialen & gezondheid
Over de gezondheidsaspecten van de meeste
materialen en producten bestaan weinig strikt
wetenschappelijk gegronde gegevens.
Over de gezondheidsaspecten van een aantal
materialen en producten bestaan tegenstrijdige wetenschappelijke gegevens (bijvoorbeeld: houtimpregneermiddelen, minerale
wol...).
4) Levenscyclusanalyse, gezond
bouwen & de bouwheer
De belangstelling voor ‘duurzaam’ bouwen in
Vlaanderen en België neemt hand over hand
toe. Bouwers, architecten en overheden vragen zich af met welke materialen ze milieubewust en gezond kunnen bouwen.
VIBE vzw moet hierop een antwoord kunnen
geven. Dit antwoord zal soms duidelijk en
eenduidig zijn, soms ook niet. Door de ontwikkelingen in de bouwsector zijn de antwoorden in elk geval steeds tijdsgebonden:
door een meer milieuvriendelijk productieproces, door de toepassing van hernieuwbare
energiebronnen, door input van gerecycleerde grondstoffen, door het vervangen van
een ongezond ingrediënt door een schadeloos
ingrediënt enz... kan een product of materiaal
na verloop van tijd beter scoren dan voorheen.
VIBE zal een bio-ecologische classificatie
van materialen blijven hanteren om haar vormings- en informatie-activiteiten mee te stofferen én om advies te geven aan allen die
daarom vragen.
5) VIBE vzw & de NIBE-classificatie
Wanneer wetenschappelijke gegevens wijzen
op een gezondheidsprobleem of -risico, reageren de betrokken producenten en industriële
gebruikers ervan heftig. Slechts na jaren van
zware schadegevallen en juridische procedures daarrond, worden bepaalde stoffen in
bepaalde toepassingen verboden (bijvoorbeeld: PCP (penta-chloor-phenol), lindaan,
asbest...). Voor andere stoffen is er tegenkanting vanuit de milieubeweging, de consumentenbeweging en steeds meer ook vanuit de
vakbondsbeweging (bijvoorbeeld: een aantal
houtimpregneermiddelen, solventgedragen
verven en aanverwante...).
Volgens VIBE vzw is de NIBE-classificatie
nog steeds het meest uitgebreide, hanteerbare
en onderbouwde systeem om bouwmaterialen
en -producten te beoordelen op hun bio-ecologische waarde.
Het oordeel over gezondheidsaspecten van
bouwmaterialen en -producten is noodgedwongen vaak gebaseerd op intuïtie. Vanuit
holistisch perspectief valt het oordeel dan
vaak in het voordeel uit van de ‘natuurlijke’
producten en materialen, of producten en
materialen die voor het overgrote deel uit
‘natuurlijke’ of hernieuwbare grondstoffen
Doorgaans hebben materialen en producten
die het dichtst bij hun natuurlijke vorm staan
(die dus het minste bewerkingen ondergaan
hebben) of materialen en producten die uit
hernieuwbare grondstoffen bestaan, ook de
beste score in levenscyslusanalyses. En ze zijn
het minst schadelijk of zelfs heilzaam voor
de menselijke gezonheid.
Visie en basisprincipes
VIBE vzw zal de NIBE-classificatie blijven
volgen als algemene milieuclassificatie van
materialen. Indien andere LCA- en/of milieuen gezondheidsgegevens bij VIBE beschikbaar zijn, worden die naast de NIBE-classificatie vermeld.
6) Milieuclassificatie versus
natuurlijke materialen
19
VIBE-MANIFEST & MATERIALENNOTA
Dit is echter niet altijd zo: sommige synthetische producten hebben een erg goede LCAscore, sommige natuurlijke producten zijn
gezondheidsschadelijk.
Deze bevinding kan conflicteren met de
beginselen van de bouwbio-ecologie. Zo kan
het aanvaardbaar zijn dat in bepaalde toepassingen een hernieuwbaar of natuurlijk materiaal gekozen wordt vóór een niet of minder
hernieuwbaar of natuurlijk materiaal met een
betere milieuscore.
Waar LCA-gegevens conflicteren met principes en technieken uit de bouwbio-ecologie zal
VIBE een genuanceerd standpunt innemen
en een onderscheid aangeven tussen de meest
milieuverantwoorde keuze en de meest bioecologisch verantwoorde keuze.
7) Bouwen met lokale materialen
Als iedereen zou bouwen met dezelfde materialen (zij het natuurlijke of synthetische,
hernieuwbare of niet-hernieuwbare materialen), onstaat er hoedanook een probleem van
schaarste en uitputting. Differentiatie in
materiaalgebruik is dus niet alleen een aangewezen keuze, het is ook de enig mogelijke
keuze.
Van oudsher hebben mensen overal ter
wereld gebouwd met de lokaal aanwezige
materialen. De technologische en mobiliteitsrevolutie laten vandaag een ander beeld
zien: vele bouwmaterialen (zoals andere producten, overigens) reizen de halve wereld
rond om op de gebruiksplaats te belanden.
Dit zorgt in de eerste plaats voor een verhoogde en vaak nodeloze energie-input in
het materiaal.
Bouwen met lokale materialen zal zorgen
voor een automatische spreiding van en differentiatie in materiaalgebruik. Ook vanuit het
sociale perspectief van duurzame ontwikkeling biedt bouwen met lokale hernieuwbare
materialen de beste perspectieven: de materialen worden niet geëxporteerd, maar blijven
lokaal beschikbaar. De lokaal aanwezige
materialen zijn bovendien vaak nagroeibaar
en/of makkelijk herbruikbaar.
In veel gevallen zal VIBE vzw een voorkeur
hebben voor lokale en nagroeibare materialen.
8) Recyclage & milieu
Vele producenten noemen hun product ‘ecologisch’ omdat het recycleerbaar is of (deels)
bestaat uit recycleerbare materialen. Dit is
een modieuze en uitgekiende, maar zeer
20
beperkte visie. Het ‘ecologische’ aspect van
een materiaal wordt bestudeerd aan de hand
van verscheidene criteria in een levenscyclusanalyse (zie boven), niet aan de hand van dat
ene criterium ‘recycleerbaarheid’.
Bovendien zorgt de recyclage van producten
voor een industrie op zich, die steeds opnieuw
nood blijft hebben aan het oorspronkelijke
afvalproduct. Zo onstaat bij recyclage van niethernieuwbare materialen een perverse spiraal
van blijvend uitputtende grondstoffenwinning
en productie. Dit is met name het geval voor
plastics en andere aardoliederivaten.
Recyclage is volgens VIBE vzw in veel gevallen geen definitieve oplossing voor een
milieuprobleem. Integendeel: door recyclage
van niet-hernieuwbare producten zal het oorspronkelijke product blijvend geproduceerd
moeten worden.
9) Recyclage, gezondheid &
eco-toxiciteit
Milieu- en/of gezondheidsbezwarende afvalstoffen verwerken in bouwproducten is in eerste instantie te verwerpen. Inzake (potentieel) toxische stoffen en afvalstoffen is er
geen ‘vermoeden van onschuld’, maar hanteert VIBE net het voorzichtigheidsprincipe.
We raden het gebruik van zulke afvalstoffen
in principe af, als er een vermoeden van
humane of ecotoxiciteit is.
Het mengen van afvalstoffen in voedermengsels voor dieren en de maatschappelijke
gevolgen daarvan hebben het standpunt van
VIBE vzw hieromtrent versterkt. Ook voor
de bio-ecologische bouwsector was de zogenaamde ‘dioxinecrisis’ (tweede helft van
1999) een bevestiging van een aantal van
haar grondbeginselen. Niet alleen de ingrediënten van onze voeding moeten immers
‘eerlijk’ zijn, maar ook die van de bouwstoffen
waartussen we ons dagelijks bevinden. En in
de bouwsector wordt momenteel nog veel
meer afval gedumpt dan in de voedingssector.
‘Recyclage’ van risico-afvalstoffen in bouwmaterialen blijft een stuiptrekking van een
maatschappij die zo veel afval geproduceerd
heeft dat ze er geen blijf meer mee weet.
Potentieel toxische en/of milieubelastende
afvalstoffen mengen in bouwproducten en
-materialen getuigt van een verkeerd begrepen en achterhaald ecologisch bewustzijn en
is een niet te promoten richting in het ‘duurzaam bouwen’. VIBE maakt er een strijdpunt
van om deze richting niet de overhand te
laten nemen in het bio-ecologisch bouwen.
Wat is bio-ecologisch bouwen?
VIBE-MANIFEST & MATERIALENNOTA
10) Besluit
‘Duurzaam bouwen’ is in. Nochtans wordt er
steeds vaker een afgezwakte versie van gepromoot. Voor VIBE vzw blijft de integrale visie
op duurzaam bouwen die de bouwbio-ecologie
geeft de enig mogelijke om het woord ‘duurzaam’, in de oorsprokelijke zin van het
Brundtland-rapport (sustainable), op een eerlijke manier in te vullen. Dit wil zeggen dat
de bio-ecologisch bouwen en wonen rekening
houdt met een aangepaste ruimtelijke ordening en stedenbouw en rationeel beheerde
energie-, water-, materialen- en grondstoffenstromen in de bouwsector.
Bij 100 % inzet van hernieuwbare grondstoffen en energiebronnen zijn de stof- en energiekringlopen volledig gesloten. Het ketenbeheer is dan als vanzelf integraal. Dit is echter
een theoretische situatie. Waar afgeweken
wordt van dit ideale theoretische model,
wordt ernaar gestreefd maximaal aan integraal ketenbeheer te doen en de stof- en energiekringlopen te sluiten waar mogelijk.
Inzake materialen en technieken hecht VIBE
vzw bovendien belang aan het gezondheidsaspect én het milieu-aspect van bouwmaterialen. Daarbij is het gebruik van zo veel mogelijk nagroeibare of hernieuwbare grondstoffen
en energiebronnen een belangrijk beginsel.
Zowel vanuit milieu- als vanuit gezondheidsstandpunt.
Volgens de bio-ecologische principes fungeert
een gebouw als ‘derde huid’. De fysische menselijke huid is de ‘eerste huid’, de kleding is
de ‘tweede huid’. Voor deze ‘derde huid’ gelden dezelfde principes als voor de eerste en de
tweede: de constructies moeten een optimale
vochttransport- en huishouding verzekeren.
Als best hanteerbare milieuclassificatie van
bouwmaterialen geldt voor VIBE vzw de
NIBE-classificatie. Die houdt echter minder
dan voorheen rekening met gezondheidsaspecten en een aantal technische materiaaleigenschappen die in bouwbio-ecologische constructiedelen belangrijk geacht worden, zoals
dampopenheid en hygroscopiciteit.
NIBE-milieuklasse (bijvoorbeeld: hout,
houtvezelplaten, materialen en producten
uit de vlasteelt...). Hierbij is duurzame ontginning van de betrokken grondstof ook
van belang in de bio-ecologische beoordeling (bijvoorbeeld FSC-gelabeld hout).
Indien het gaat om ongezonde natuurlijke
grondstoffen, kan in een aantal gevallen
een synthetisch product een beter alternatief zijn (bijvoorbeeld een aantal verfverdunners).
• De materialen die het dichtst bij hun
natuurlijke vorm staan en die de minste
bewerkingen ondergaan hebben, hebben
een bio-ecologische voorkeur boven
andere in dezelfde NIBE-milieuklasse (bijvoorbeeld: kalkverven, stroleem, dakbedekking en brikken uit gebakken klei...).
• In een aantal gevallen moeten toeslagstoffen of producten aan een materiaal toegevoegd worden (brandwerendheid, waterwerendheid, schimmelwerendheid, insectenwerendheid, lijmen, oplosmiddelen...).
Materialen en producten die behandeld
zijn met stoffen die niet in de natuur voorkomen of waar synthetische chemische
stoffen aan toegevoegd werden, scoren bioecologisch gezien minder goed dan materialen en producten die niet met kunstmatige chemische stoffen behandeld zijn.
• Afvalstoffen kunnen een gezondheids- of
milieurisico vormen. Veel afvalstoffen zijn
afkomstig uit niet-hernieuwbare grondstoffen. Materialen die bestaan uit dit soort
afvalstoffen of waaraan zulke afvalstoffen
toegevoegd zijn, zullen slechts zelden kunnen rekenen op een bio-ecologische voorkeur.
• Materialen die nagenoeg volledig of voor
een groot deel samengesteld zijn uit aardoliederivaten zijn meestal af te raden.
Goedgekeurd door
de Algemene Vergadering van VIBE vzw
6 oktober 1999
Dit betekent dat VIBE vzw de NIBE-classificatie in de eerste plaats als milieu-classificatie
zal hanteren en in een aantal gevallen zal
aanvullen op basis van de volgende motivatieprincipes:
• Materialen en producten die (nagenoeg)
uitsluitend samengesteld zijn uit nagroeibare grondstoffen hebben een bio-ecologische voorkeur boven andere in dezelfde
Visie en basisprincipes
21
HOOFDSTUK 9
Wat doet VIBE vzw?
VIBE vzw is een onafhankelijke vzw op het
kruispunt van de milieubeweging en de bouwsector.
Onze opdracht omvat vorming, advies en
bewustmaking over gezond en milieuverantwoord bouwen, verbouwen en wonen.
De beleidsmissie van VIBE vzw als wegwijzer
in gezond en milieuverantwoord bouwen, verbouwen en wonen is:
VIBE is ook jaar-
lijks aanwezig
op Batibouw.
22
Zo veel mogelijk (ver)bouwers, bouwprofessionelen en overheidsinstellingen wegwijs
maken in bio-ecologisch (ver)bouwen en
wonen. VIBE wil een antwoord bieden op de
vragen:
• wat zijn bio-ecologische materialen en
technieken?
• hoe moeten ze toegepast worden?
• waar zijn ze verkrijgbaar en wie in de
bouwsector werkt ermee?
Daarbij ligt de nadruk op informatie over de
toepassing van ‘natuurlijke’ bouwmaterialen,
maar VIBE wil ook een goed informatie-aanbod hebben over ecologische stedenbouw en
ruimtelijke ordening, energiebesparende toepassingen en waterbesparende toepassingen.
Daarnaast wil VIBE signaleren waar er moge-
Wat is bio-ecologisch bouwen?
WAT DOET VIBE VZW?
lijke problemen zijn inzake gezondheid en/of
milieu in de klassieke bouwsector en daarvoor
valabele alternatieven bieden.
VIBE is ook jaarlijks aanwezig op Batibouw.
Onze instrumenten om een breed publiek te
bereiken zijn:
• Ons vormingsaanbod (cursussen, studiedagen, lezingen...). Als VIBE-lid heeft u korting en twee gratis infosessies bij de algemene vergaderingen.
• Ons tijdschrift Wonen met de Natuur
(WmdN), dat als kwartaalbijlage bij Beter
Bouwen en Verbouwen (BBV) verschijnt.
Als VIBE-lid ontvangt u dus ook alle
nummers van WmdN én BBV.
• Onze publicaties.
Daarvan verschijnen er minstens
vier per jaar. Als
VIBE-lid heeft u
korting op onze
publicaties. Sommige zijn ook gratis voor VIBEleden.
• Onze intensieve netwerking in de milieubeweging en de bouwsector. Op Vlaams,
nationaal en internationaal niveau.
• Ons erkenningssysteem met VIBE-keurmerk voor de labeling van professionelen
uit de bouwsector die voldoen aan onze
strenge criteria voor bio-ecologisch bouwen.
VIBE geeft het
• Onze beleidsadviserende en beleidsondersteunende werking voor lokale,
Vlaamse en federale overheden.
tijdschrift Wonen
met de Natuur uit,
dat als bijlage
verschijnt bij
Beter bouwen en
verbouwen.
• Onze website. Als VIBE-lid heeft u gratis
toegang tot het ledengedeelte.
LID WORDEN?
35,- euro storten op rekeningnummer
523-0800593-30 met vermelding ‘lid’.
Uw lidmaatschap geldt twaalf maanden
vanaf de maand van de storting.
Welkom bij onze club!
Visie en basisprincipes
23
HOOFDSTUK 10
De VIBE-erkenningsprocedure
en het keurmerk
VIBE vzw is geen beroepsorganisatie en vertegenwoordigt geen particuliere belangen
(zie VIBE-manifest).
Wél reikt VIBE vzw een label uit aan professionelen uit de bouwsector die voldoen aan
onze criteria voor ‘duurzaam’ bouwen. Daarvoor is een procedure met duidelijke criteria
en controles uitgewerkt (zie VIBE-label).
De adressen die u vindt in onze lijst van
erkende professionelen hebben deze erkennings- en controleprocedure doorlopen.
De criteria en de procedures vindt u
op onze website onder www.vibe.be/wat/
wat doet vibe/labels en beoordelingen.
Hierover is er ook een aparte folder
(‘Op zoek naar uw ster in duurzaam bouwen?’)
voor bouwprofessionelen beschikbaar.
(Architect Dirk Wauters)
24
Wat is bio-ecologisch bouwen?
7 goede redenen
om lid te worden van VIBE vzw
Zoveel meer dan een baksteen in de maag
De Belg zit met de spreekwoordelijke baksteen in de maag. Maar wat met hout of leem in de maag? Verteert dat
evengoed? En of! Bio-ecologische bouwwijzen zijn goed en gezond voor de mens. Wat niet wegneemt natuurlijk
dat je met baksteen ook ecologisch kan bouwen. Maar de bouwsector heeft een grote invloed op de kwaliteit
van onze omgeving. Daarom promoot VIBE mens- en milieuvriendelijke bouwwijzen en woonvormen.
VIBE is het Vlaams Instituut voor Bio-Ecologisch bouwen en wonen. We zijn een informatiecentrum op het
knooppunt van de milieubeweging en de bouwsector. We verzamelen informatie over bio-ecologisch bouwen
en wonen, bundelen ze en verspreiden ze. Dit via vorming, cursussen, publicaties, Wonen met de Natuur enz...
Wie meer wil weten of zijn engagement wil betonen, nodigen we uit om VIBE-lid te worden. Onze doelgroepen
zijn particuliere consumenten (bouwers en verbouwers), professionelen in de bouwsector, overheidsinstanties
op alle niveaus. Het VIBE-lidmaatschap heeft heel wat voordelen.
infosessies georganiseerd over het passiefhuis, regenwaterinfiltratie, gezond binnenklimaat, ventilatie enz...
1. Twee abonnementen voor de prijs van één
Het lidmaatschap behelst twee abonnementen: ééntje op
het VIBE-tijdschrift ‘Wonen met de Natuur’ en één op het
grootste Belgische bouwtijdschrift ‘Beter Bouwen & Verbouwen’, waarin Wonen met de Natuur viermaal per jaar
als katern verschijnt. Twee vliegen in één klap dus. Misschien was u al BB&V-abonnee? Met 10 euro bovenop dat
bedrag, geniet u van de vele andere voordelen van VIBE.
4. Mede beslissingsrecht
Als VIBE-lid kan u stemrecht aanvragen en zo op de Algemene Vergadering concreet de beleidsbeslissingen sturen.
2. Korting op het vormings- en informatie-aanbod
Het ganse jaar door en over heel Vlaanderen organiseert
VIBE cursussen over bio-ecologisch bouwen en wonen.
Als VIBE-lid krijgt u korting op de inschrijfprijs en wordt
u – indien u wenst – up-to-date gehouden over al deze
evenementen. Een greep uit het aanbod: energiebesparing, moderne leembouw, strobalenbouw, verven met
natuurverf, gebruik van hemelwater, isolatietechnieken,
zonne-energie, bio-ecologisch huizen kijken... Ook organiseert VIBE jaarlijks een studiereis naar het buitenland
om bio-ecologische voorbeeldprojecten te bezoeken.
Voor velen een onvergetelijke en inspirerende ervaring.
Daarnaast geeft VIBE heel wat publicaties uit, waarop u
vanzelfsprekend korting krijgt.
6. De elektronische VIBE-nieuwsbrief
Per mail wordt u de VIBE-nieuwsbrief toegestuurd, waarin het reilen en zeilen van de vereniging uit de doeken
wordt gedaan. VIBE zit immers niet stil en engageert zich
op alle fronten om het bio-ecologisch gedachtengoed te
verspreiden. Via de nieuwsbrief voelt u het kloppende
hart van de vereniging en merkt u dat uw geld goed besteed is.
3. Twee gratis infosessies
Tweemaal per jaar organiseert VIBE voor haar leden een
Algemene Vergadering. De Algemene Vergadering wordt
telkens voorafgegaan door een gratis infosessie. Hierin
wordt dieper ingegaan op een thema uit het bio-ecologisch bouwen en wonen. Zo werden de afgelopen jaren
5. Het ledengedeelte op de website
Op de website krijgt u als lid toegang tot een speciaal ledengedeelte met inzage in alle reeds verschenen nummers
van Wonen met de Natuur, 34 in het totaal, en in bijkomende inhoudelijke dossiers. Een schat aan informatie.
7. Het VIBE-label voor professionele leden
Indien u professioneel met bio-ecologisch bouwen bezig
bent als handelaar, importeur, producent, architect, studiebureau of aannemer, kan u ook een erkenning of het
VIBE-label aanvragen. Het label is een indicatie dat u op
bio-ecologisch vlak uw strepen hebt verdiend en uw klanten met een gerust hart op uw expertise een beroep kunnen doen. Daarbovenop verschijnt uw firma in de lijst van
erkende leden, gepubliceerd in Wonen met de Natuur.
Overtuigd?
Lid worden kan heel eenvoudig door 35,- euro te storten op rekeningnummer 523-0800593-30
met vermelding ‘lid’. Uw lidmaatschap geldt twaalf maanden vanaf de maand van de storting.
Welkom bij onze club!
Waar mag uw spaargeld op rekenen
bij Triodos Bank?
100% duurzaam
Uw spaargeld dient enkel voor de financiering
van bedrijven en projecten in de sociale, culturele
of milieusector.
100% transparantie
U weet met naam en toenaam wie onze kredietklanten zijn.
een standaard rendement
Uw spaargeld biedt u een rendement vergelijkbaar
met wat grootbanken bieden.
een solidariteitsbijdrage
die Triodos Bank voor elke nieuwe spaarrekening
uitkeert aan een partnerorganisatie van uw keuze.
Meer dan 15.000 Triodos spaarders weten reeds dat hun geld telt.
Informeer u nu!
02 548 28 51
www.triodos.be
[email protected]
Uw spaargeld telt
Ja, stuur mij meer informatie over de duurzame spaarformules van Triodos Bank.
INVULLEN IN HOOFDLETTERS A.U.B.
Nr.:
Plaats:
0399
J Dhr. J Mevr.
Voornaam:
Naam:
Straat:
Postcode:
Tel.:
E-mail:
Terugsturen naar Triodos Bank nv, Hoogstraat 139/3, 1000 Brussel of faxen naar 02 548 28 29.
Deze gegevens worden enkel gebruikt door Triodos Bank en de eventuele agent of bemiddelaar van Triodos Bank, voor marketingdoeleinden. De gegevens worden niet doorgegeven aan derden. Overeenkomstig de wet van 8 december 1992 over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, heeft u
recht op inzage en verbetering van uw persoonlijke gegevens.

Documenti analoghi